zondag 24 juli 2011

FOTO'S UIT DE WIERSHOECK- EN SCHOOLTUIN (92)

Steeds stap ik weer vol verwachting op de fiets. Wat zal ik deze keer weer zien? De combinatie van De Wiershoeck met de naastgelegen Schoolwerktuin is ideaal. Bloemen zijn er in overvloed en dus ook insecten. Natuurlijk kom ik vaak de zelfde soorten tegen, maar bijna altijd ontdek ik ook wel weer iets nieuws. En dan wil ik toch wel graag weten wat het is. De diverse natuurgidsen worden doorgebladerd, er wordt op het net gezocht en zo af en toe wordt er een deskundige geraadpleegd. Dat deed ik ook dit keer.

Op de bloem van de ui (of was het toch een doorgeschoten prei?) zaten verschillende insecten. Twee ervan hadden mijn speciale aandacht, waaronder dit mooie zwarte exemplaar met de gele tekening op het lichaam. Volgens het ezelsbruggetje “Een wesp heeft lange antennes, die van een bij zijn korter en een zweefvlieg heeft (bijna) geen antennes” zou het een bij moeten zijn. Maar dat leek mij onwaarschijnlijk. Ik zocht en zocht, maar was door het uiterlijk van het insect op het verkeerde been gezet. Ik was dus min of meer gefopt.

Het bleek een stipfopwesp te zijn, een nogal merkwaardige naam voor een …… zweefvlieg.
Fopwespen (er zijn een paar soorten) zijn zweefvliegen met redelijk lange antennes. Het is dus de bekende uitzondering op de regel. Zoals veel zweefvliegen lijkt de stipfopwesp, door de tekening op het achterlichaam, enigszins op een wesp. Deze “gelijkenis” beschermt de zweefvlieg tegen vijanden.
Stipfopwespen (9 – 13 mm) vliegen in de maanden april tot augustus en komen in ons land vrij veel voor, maar hoofdzakelijk op zandgronden. Het is dus niet zo vreemd dat ik deze mooie zweefvlieg nog niet eerder heb ontmoet. De larven van de stipfopwesp leven in het nest van de zwarte wegmier.

Foto + tekst: Luit Staghouwer

Geen opmerkingen:

Een reactie posten