zondag 17 augustus 2014

FOTO'S UIT DE WIERSHOECK- EN SCHOOLTUIN (196)

Wereldwijd komen er ruim 6000 soorten zweefvliegen voor. In ons land zijn 363 soorten waargenomen. De grootte varieert van 0,4 tot 2,8 cm. Ze hebben slechts twee vleugels, de meeste vliegende insecten (bijvoorbeeld bijen, wespen en hommels) hebben er vier.

Onze imposantste en misschien ook wel mooiste zweefvlieg is de stadsreus, hij kan een lengte van 2,5 cm bereiken. Vanwege de grootte en zijn kleuren wordt de stadsreus ook wel hoornaarzweefvlieg genoemd. De stadsreus is, zoals alle zweefvliegen, een onschuldig diertje dat leeft van nectar en stuifmeel van bloemen. Vroeger was de stadsreus een zeldzaamheid die slechts af en toe opdook in warme zomers, maar in de afgelopen twintig jaar is het een steeds gewonere verschijning geworden. Vooral tijdens perioden met (zuid)oostenwind. Dan vullen migranten uit zuidelijker streken de Nederlandse populatie aan. Bij mooi weer bezoekt hij o.a. de buddleya (vlinderstruik).

Opmerkelijk is de ontwikkeling van de larve, veel soorten zweefvliegenlarven eten bladluizen, maar de larve van deze soort heeft een andere voedselbron. Het vrouwtje stadsreus legt haar eitjes in wespennesten. Waarom ze daarbij niet wordt gedood is niet bekend. Waarschijnlijk heeft ze een geur bij zich die de agressie van de wespen onderdrukt. De larven genieten dezelfde bescherming. Ze zoeken onderin het nest dode wespen en afval op en leven daarvan. In de herfst verlaten de wespen het nest en sterven. De larve van de vlieg blijft als enige achter en verpopt zich om na de winter uit te komen waarna de geschiedenis zich herhaalt. De larve van de stadsreus richt dus geen schade aan.

Ik had de stadsreus in de loop van de ochtend al een keer voorbij zien vliegen. Het was toen zonnig en warm. Laat in de middag was het nog steeds warm, maar bewolkt. Vlak voordat ik naar huis ging zag ik de stadsreus weer en toen kon ik hem wel fotograferen. Bij deze stadsreus raken de ogen elkaar boven op de kop, het is dus een mannetje.


(Info: Wikipedia, rootsmagazine.nl)

Foto + tekst: Luit Staghouwer

1 opmerking: